Persbericht Convenant Gewasbescherming moet zich bewijzen in de praktijk

14 juli 2026
 

Convenant Gewasbescherming moet zich bewijzen in de praktijk

Milieuwinst vraagt om innovatie en oplossingen die werken voor zowel water, natuur en leefomgeving als voor de teler


CropLife NL heeft met interesse kennisgenomen van het Hooflijnenconvenant Gewasbescherming dat vandaag is overeengekomen. De afspraken zijn het voorlopige resultaat van onderhandelingen tussen een groep sectorpartijen, waaronder meer BO-akkerbouw, Greenports Nederland, LTO Nederland, NAJK en de ministeries LVVN en I&W. De toeleverende keten, waaronder CropLife NL, was niet betrokken bij de onderhandelingen, maar kunnen een belangrijke rol vervullen bij de verdere uitewerking van de afspraken na de zomer. Voorwaarde voor succes is dat dit leidt tot maatregelen en acties die wetenschappelijk onderbouwd, praktisch uitvoerbaar en daadwerkelijk effectief zijn. De bedrijven aangesloten bij CropLife NL spelen een belangrijke rol bij het vullen van de gereedschapskist voor boer en tuinder.
 
Het convenant bevat belangrijke aanknopingspunten voor een toekomstgerichte aanpak van gewasbescherming. Positief is dat nadrukkelijk wordt ingezet op innovatie, kennisontwikkeling, weerbare teeltsystemen en het versnellen van de beschikbaarheid van nieuwe, duurzamere oplossingen voor telers en tuinders. Voor de aangesloten bedrijven bij CropLife NL is verduurzaming geen nieuwe opgave, maar een continu proces dat in de kern van hun activiteiten zit. Zij ontwikkelen steeds duurzamere oplossingen voor gewasbescherming, waaronder biologische en laag‑risicomiddelen en biostimulanten, en investeren in concrete toepassingen, zoals precisiebespuiting, gesloten vulsystemen om emissies te beperken en het digitaliseren van etiketten zodat deze voorbereid zijn op machine‑leesbare toepassingen. Daarmee kan gewasbescherming steeds gerichter, preciezer en met een lagere milieubelasting worden toegepast.
 
CropLife NL ziet daarom kansen in een aanpak die verdere verlaging van de milieubelasting koppelt aan innovatie en werkbare oplossingen in de praktijk. Alleen op die manier kunnen verduurzaming, voedselproductie en een sterke internationale concurrentiepositie hand in hand blijven gaan.
Bij de verdere uitwerking van het convenant ziet CropLife NL ook een aantal belangrijke aandachtspunten. Maatregelen en acties moeten zorgvuldig worden onderbouwd, uitvoerbaar zijn in de praktijk en daadwerkelijk bijdragen aan de beoogde doelen. Dit geldt in het bijzonder voor afspraken rond Natura 2000-gebieden, leefomgeving en waterkwaliteit. Beleidskeuzes moeten zijn gebaseerd op onafhankelijk wetenschappelijk onderzoek, waarbij proportionaliteit, rechtszekerheid, juridische houdbaarheid en effectiviteit centraal staan. Ook is het van belang dat de afspraken breed worden gedragen. Het is dan ook teleurstellend dat Stichting Natuur & Milieu en LandschappenNL wel betrokken waren bij de totstandkoming van de tekst, maar deze niet hebben ondertekend.
 
Volgens Eric Kiers, directeur Verduurzaming van CropLife NL, ligt de echte toets in de praktijk:
"De waarde van dit convenant wordt uiteindelijk niet bepaald door wat er op papier staat, maar door de resultaten in de praktijk. Verdere verlaging van de milieubelasting vraagt om oplossingen die werken: voor water, natuur en leefomgeving én voor de telers die er elke dag mee aan de slag moeten."
 
Nederland behoort wereldwijd tot de koplopers in innovatieve en duurzame land- en tuinbouw. Om die positie te behouden, is het essentieel dat ondernemers kunnen blijven beschikken over een gevulde gereedschapskist om ziekten, plagen en onkruiden effectief te beheersen. Het succes van de transitie staat of valt met de beschikbaarheid van werkbare alternatieven, nieuwe technologieën en ruimte voor innovatie.
 
CropLife NL blijft zich actief inzetten voor innovatieve oplossingen die bijdragen aan gezonde gewassen, een duurzame land- en tuinbouw en hoogwaardige producten van eigen bodem die ook in de toekomst beschikbaar en betaalbaar blijven.